0-9
404-pagina
Een 404 is de foutmelding die een bezoeker ziet als een pagina op je website niet (meer) bestaat.
Je krijgt hem als iemand een oude link volgt of een typfout maakt in het adres. Een paar 404's zijn normaal, maar veel 404's op links die Google al kende, kosten bezoekers en posities. Zorg dat je 404-pagina uitlegt wat er misging en een link naar je homepage of diensten geeft, en zet een redirect op pagina's die verhuisd zijn.
A
AVG en privacyverklaring
De AVG is de Europese privacywet (sinds 25 mei 2018); je privacyverklaring legt uit welke persoonsgegevens je website verzamelt en waarom.
Zodra je een contactformulier, bezoekersstatistieken of een nieuwsbrief hebt, verwerk je persoonsgegevens en heb je een privacyverklaring nodig. Daarin staat wat je bewaart, hoe lang, met wie je het deelt en hoe mensen hun gegevens kunnen inzien of laten verwijderen. Geen juristentaal nodig, wel volledig en makkelijk te vinden, meestal via een link in de voettekst.
B
Backlink
Een backlink is een link op een andere website die naar jouw site verwijst; voor Google is het een teken dat je site de moeite waard is.
Een link van je brancheorganisatie, de gemeentegids of een leverancier telt meer dan tien links van onbekende sites. Gekochte links of linkruil-lijstjes kunnen juist tegen je werken. Voor een lokaal bedrijf zijn de logische backlinks: brancheverenigingen, lokale nieuwssites, sponsoring van een vereniging en partners waarmee je samenwerkt.
B
Betaalprovider
Een betaalprovider (zoals Mollie, Adyen of Stripe) regelt de betalingen in je webshop: iDEAL, creditcard en andere methoden via één koppeling.
Je hoeft dus geen apart contract per betaalmethode te sluiten. Je betaalt meestal een vast bedrag per transactie plus een percentage; de tarieven verschillen per methode en per provider. Kijk bij de keuze naar de kosten per iDEAL-betaling, hoe snel het geld op je rekening staat en of de provider samenwerkt met jouw webshopsysteem.
C
Cache en CDN
Een cache bewaart een kopie van je pagina's zodat ze sneller laden; een CDN zet die kopieën op servers dicht bij de bezoeker.
Zonder cache moet de server elke pagina opnieuw opbouwen bij ieder bezoek, en dat kost tijd. Een CDN (content delivery network) verspreidt je site over servers op meerdere plekken, zodat iedere bezoeker een snel antwoord krijgt, waar hij ook zit. Bij goede hosting zit dit standaard in het pakket; bij WordPress regel je het vaak met een plugin of via je hostingpartij.
C
Call-to-action
Een call-to-action (CTA) is de knop of zin die de bezoeker vertelt wat de volgende stap is: bel, vraag een offerte aan, maak een afspraak.
Zonder duidelijke CTA leest iemand je pagina en vertrekt weer. Zet op elke pagina één hoofdactie, met een concrete tekst (liever 'Vraag een offerte aan' dan 'Verzenden'), zichtbaar bovenaan en onderaan. Op een telefoon werkt een belknop het beste.
C
CMS
Een CMS (content management system) is het systeem achter je website waarmee je zelf teksten, foto's en pagina's aanpast zonder te programmeren.
WordPress is het bekendste, maar ook Wix, Webador en Squarespace hebben een ingebouwd CMS. Voor jou als ondernemer telt vooral: kun je zelf makkelijk een tekst of openingstijd wijzigen, en kun je met je inhoud weg als je van bouwer wisselt? Vraag dat vooraf en laat het zien in een demo.
C
Conversie
Een conversie is het moment waarop een bezoeker doet wat je hoopt: bellen, een formulier invullen, een afspraak maken of iets kopen.
Bezoekersaantallen zeggen weinig; conversies zeggen of je site klanten oplevert. Het percentage bezoekers dat converteert heet de conversieratio. Die verbeter je met duidelijke pagina's per dienst, prijzen of prijsindicaties, echte foto's, reviews en een zichtbare call-to-action, en door te meten welke pagina's aanvragen opleveren.
C
Cookiebanner
Een cookiebanner vraagt bezoekers toestemming voor cookies die niet strikt nodig zijn, zoals cookies voor advertenties of Google Analytics.
De regel staat in de Telecommunicatiewet (artikel 11.7a): voor tracking-cookies is toestemming nodig vóór ze worden geplaatst. Gebruik je alleen cookies die nodig zijn om de site te laten werken, of meet je bezoekers zonder cookies, dan is een banner niet verplicht. Een site zonder banner is rustiger; deze website werkt bijvoorbeeld helemaal zonder cookies.
D
DNS
DNS is het adresboek van internet: het koppelt je domeinnaam aan de server waar je website en je e-mail draaien.
Als je van hostingpartij wisselt of een zakelijk e-mailadres instelt, wijzig je DNS-instellingen (records) bij de partij waar je domein staat. Een wijziging kan tot 24 uur duren voordat hij overal doorwerkt, meestal gaat het sneller. Zorg dat jij, of iemand die je vertrouwt, zelf kan inloggen waar je DNS beheerd wordt; anders ben je bij elke wijziging afhankelijk van een ander.
D
Domeinnaam
Je domeinnaam is het adres van je website, zoals jouwbedrijf.nl. Je huurt hem per jaar bij een registrar en hij hoort op jouw naam te staan.
Een .nl-domein kost meestal € 10–20 per jaar. Het belangrijkste is niet de prijs maar het eigendom: de houder van het domein bepaalt waar de website en e-mail naartoe wijzen. Staat het domein op naam van je webbouwer, dan kun je niet zomaar weg. Controleer via de whois-gegevens van SIDN (voor .nl) wie de houder is.
E
Extensie (.nl, .com)
De extensie is het laatste deel van je domeinnaam, zoals .nl, .com of .eu. Voor een Nederlands bedrijf is .nl meestal de logische keuze.
.nl wordt beheerd door SIDN en is voor Nederlandse klanten herkenbaar en vertrouwd. Werk je internationaal, dan is .com een goede tweede; nieuwe extensies zoals .shop of .amsterdam zijn mogelijk maar minder bekend. Registreer eventueel ook de .com-variant van je naam en laat die doorverwijzen, zodat een concurrent hem niet kan claimen.
G
GEO en AEO
GEO (generative engine optimization) en AEO (answer engine optimization) zijn manieren om vindbaar te zijn in ChatGPT, Perplexity en AI-overzichten van Google.
Waar SEO draait om een plek in de zoekresultaten, gaat het hier om genoemd en geciteerd worden in het antwoord dat een AI geeft. Dat lukt met korte, feitelijke antwoorden op concrete vragen, duidelijke bedrijfsgegevens, structured data en een goed Google Bedrijfsprofiel. De basis is dezelfde als bij SEO: heldere pagina's die één vraag echt beantwoorden.
G
Google Bedrijfsprofiel
Je Google Bedrijfsprofiel is de gratis bedrijfskaart die Google toont bij je naam en in Google Maps: adres, openingstijden, foto's en reviews.
Voor lokale ondernemers is dit vaak net zo belangrijk als de website zelf: wie zoekt op 'kapper Zwolle' ziet eerst de kaart met drie bedrijven. Claim je profiel, vul alles in, kies de juiste categorie en reageer op reviews. Koppel het aan je website en houd openingstijden actueel, ook rond feestdagen.
H
Homepage
De homepage is de voorpagina van je website: de pagina die opent als iemand alleen je domeinnaam intypt.
Veel bezoekers komen niet via de homepage binnen, maar via een pagina per dienst of via Google. Toch moet de homepage in een paar seconden duidelijk maken wat je doet, voor wie en in welke regio, met een knop naar de volgende stap. Zie hem als een wegwijzer, niet als de plek waar alles op moet staan.
H
Hosting
Hosting is de ruimte op een server waar de bestanden van je website staan, zodat hij dag en nacht bereikbaar is voor bezoekers.
Je domeinnaam is het adres, hosting is het gebouw. Bij een websitebouwer als Wix of Webador zit hosting in het abonnement; bij WordPress huur je het apart, meestal voor een bedrag per maand of per jaar. Let bij de keuze op snelheid, back-ups, een SSL-certificaat en of de servers in Nederland of Europa staan.
L
Laadtijd en Core Web Vitals
Laadtijd is hoe snel je pagina op het scherm staat; Core Web Vitals zijn de drie maatstaven die Google daarvoor gebruikt (LCP, INP en CLS).
Google meet of het belangrijkste deel van de pagina snel zichtbaar is (LCP), of de pagina vlot reageert op klikken (INP) en of onderdelen niet verspringen tijdens het laden (CLS). Traag betekent minder bezoekers die blijven, en een lagere positie. Test je site gratis met PageSpeed Insights van Google en kijk vooral naar de mobiele score; grote foto's en veel plugins zijn de meest voorkomende oorzaken.
L
Landingspagina
Een landingspagina is een pagina voor één doel en één doelgroep, bijvoorbeeld 'cv-ketel vervangen in Amersfoort', met een duidelijke vervolgstap.
Bezoekers uit Google of een advertentie 'landen' hier direct, zonder eerst de homepage te zien. Daarom staat er alles wat ze nodig hebben om te beslissen: wat je doet, voor wie, wat het kost, bewijs en een knop om contact op te nemen. Een pagina per dienst en per regio is in feite een reeks landingspagina's.
L
llms.txt
llms.txt is een tekstbestand op je website (jouwbedrijf.nl/llms.txt) dat AI-systemen in gewone taal vertelt wat er op je site staat en wat belangrijk is.
Het is een voorstel uit 2024, vergelijkbaar met robots.txt en de sitemap, maar dan bedoeld voor taalmodellen. Niet elke AI-zoekmachine leest het al, maar het kost weinig en het dwingt je om je aanbod in één helder overzicht samen te vatten. Zet er je diensten, werkgebied, prijzen en belangrijkste pagina's in.
M
Meta-title en meta-description
De meta-title en meta-description zijn de blauwe kop en de korte tekst eronder die Google in de zoekresultaten toont voor een pagina.
Bezoekers zien ze vóór ze klikken, dus ze bepalen mee of iemand jouw resultaat kiest. Houd de titel rond 50–60 tekens met de dienst en de plaats erin, en de beschrijving rond 150 tekens met wat de bezoeker eraan heeft. Elke pagina hoort een eigen titel en beschrijving te hebben; in elk CMS kun je die per pagina invullen.
O
Onderhoud en updates
Websiteonderhoud is alles wat nodig is om je site veilig, snel en werkend te houden: updates, back-ups, controle op fouten en kleine aanpassingen.
Bij WordPress is dit echt werk: het systeem, het thema en elke plugin krijgen regelmatig updates, en wie ze overslaat loopt kans op een gehackte site. Bij een websitebouwer of een statische site is er veel minder te onderhouden. Vraag bij een onderhoudsabonnement altijd wat er precies gebeurt en of je dat terugziet in een overzicht.
P
Plugin
Een plugin is een uitbreiding die je aan een CMS als WordPress toevoegt voor een extra functie, zoals een contactformulier, een agenda of een cookiebanner.
Er zijn tienduizenden plugins, veel gratis. Elke plugin maakt je site echter een beetje trager en moet bijgehouden worden; verouderde plugins zijn een veelvoorkomende oorzaak van gehackte WordPress-sites. Gebruik er zo weinig mogelijk, en alleen van makers die ze actief onderhouden.
R
Redirect (301)
Een 301-redirect stuurt bezoekers en Google automatisch door van een oud webadres naar het nieuwe, zodat je geen bezoekers en posities verliest.
Nodig bij een nieuwe website, een andere domeinnaam, of als je pagina's samenvoegt of hernoemt. Zonder redirects komen bezoekers op een 404 en verdwijnt de opgebouwde waarde van de oude pagina. Maak vóór een vernieuwing een lijst van alle oude adressen en waar ze naartoe moeten, en vraag je bouwer om die lijst als onderdeel van de oplevering.
R
Registrar
Een registrar is het bedrijf waar je een domeinnaam registreert en jaarlijks verlengt, bijvoorbeeld TransIP, Hostnet of Mijndomein.
De registrar is niet de eigenaar; jij bent als houder de eigenaar zolang je betaalt. Registreer het domein op je eigen naam en met je eigen e-mailadres, ook als je bouwer aanbiedt het te regelen. Zo kun je later zonder discussie verhuizen en houd je de e-mail en inloggegevens in eigen hand.
R
Responsive
Een responsive website past zich automatisch aan het scherm aan, zodat hij op een telefoon, tablet en computer goed leesbaar en bruikbaar is.
De meeste bezoekers van een lokaal bedrijf komen via hun telefoon, en Google beoordeelt je site op de mobiele versie. Responsive is daarom geen extra, maar de norm. Test het zelf: open je site op je telefoon en kijk of je zonder inzoomen kunt lezen, of knoppen groot genoeg zijn en of je telefoonnummer aanklikbaar is.
R
Robots.txt
Robots.txt is een klein tekstbestand op je website dat zoekmachines vertelt welke delen ze wel en niet mogen bekijken.
Het is een verzoek, geen slot: gevoelige informatie bescherm je er niet mee. Voor een gewone bedrijfssite hoeft er weinig in te staan, behalve een verwijzing naar je sitemap. Het gaat vooral mis als een bouwer per ongeluk de hele site blokkeert na de oplevering; controleer dat in Search Console als je site niet gevonden wordt.
S
SEA
SEA (search engine advertising) is betaald adverteren in zoekmachines, zoals Google Ads: je betaalt per klik voor een plek boven de gewone zoekresultaten.
Het voordeel is snelheid: je advertentie staat er vandaag. Het nadeel: zodra je stopt met betalen ben je weg, en klikprijzen lopen in drukke branches snel op. SEA werkt het beste als de pagina waar de klik op landt echt bij de zoekvraag past; anders betaal je voor bezoekers die weer vertrekken.
S
Search Console
Google Search Console is een gratis hulpmiddel dat laat zien op welke zoekwoorden je site verschijnt, hoe vaak erop geklikt wordt en welke fouten Google ziet.
Het is de enige plek waar je rechtstreeks van Google hoort hoe je site het doet. Je koppelt je domein één keer, dient je sitemap in en kijkt daarna maandelijks naar de zoekwoorden, de pagina's die niet geïndexeerd zijn en meldingen over snelheid of mobiel gebruik. Zorg dat het account op jouw naam staat, ook als je bouwer het inricht.
S
SEO
SEO (search engine optimization) is alles wat je doet om zonder te betalen hoger in Google te komen op de woorden waar jouw klanten op zoeken.
In de praktijk komt het neer op drie dingen: een technisch goede, snelle site; een aparte pagina per dienst en regio met teksten die de vraag van de klant beantwoorden; en signalen van buitenaf zoals reviews, een Google Bedrijfsprofiel en backlinks. Resultaat duurt maanden, niet dagen. Wie snelle posities belooft, verkoopt lucht.
S
Sitemap
Een sitemap is een bestand (meestal sitemap.xml) met een lijst van alle pagina's op je website, zodat zoekmachines ze allemaal kunnen vinden.
De meeste systemen maken hem automatisch. Je dient hem één keer in bij Search Console; daarna gebruikt Google hem om nieuwe en gewijzigde pagina's sneller op te merken. Verwar hem niet met een sitemap-pagina voor bezoekers, dat is iets anders en zelden nodig.
S
SSL en https
SSL (het slotje in de browser) versleutelt het verkeer tussen bezoeker en website; een site met SSL begint met https:// in plaats van http://.
Zonder SSL waarschuwt de browser dat je site niet veilig is, en dat kost direct vertrouwen. Een certificaat is tegenwoordig gratis via Let's Encrypt en zit bij vrijwel elke hostingpartij en websitebouwer standaard inbegrepen; het hoort automatisch te verlengen. Betaal je er apart voor, vraag dan waarom.
S
Statische website
Een statische website bestaat uit kant-en-klare pagina's die direct worden geleverd, zonder database of systeem dat bij elk bezoek de pagina opbouwt.
Daardoor is hij heel snel, goedkoop te hosten en veel minder gevoelig voor hacks: er is geen inlogscherm of database om in te breken. Teksten aanpassen gaat via een apart, eenvoudig bewerkscherm of via de bouwer. Voor een bedrijfssite met een beperkt aantal pagina's is het een goede keuze; voor een grote webshop of ledenomgeving minder.
S
Structured data (schema)
Structured data is onzichtbare informatie in de code van je pagina die zoekmachines en AI precies vertelt wat iets is: een bedrijf, een prijs, een openingstijd.
De standaard heet schema.org. Google gebruikt het onder meer voor sterren, veelgestelde vragen en bedrijfsgegevens in de zoekresultaten, en AI-systemen lezen het om je bedrijf goed te begrijpen. Voor een lokaal bedrijf zijn de belangrijkste soorten LocalBusiness (of een specifieke variant), FAQPage en BreadcrumbList. Je bouwer hoort dit standaard mee te nemen.
T
Thema of template
Een thema of template is het vooraf ontworpen uiterlijk van een website: de opmaak, kleuren en indeling waar je eigen teksten en foto's in komen.
Websitebouwers en WordPress werken met thema's; je kiest er een en past hem aan. Dat is snel en goedkoop, maar duizenden andere sites gebruiken hetzelfde thema, en veel thema's slepen functies mee die je niet gebruikt en die de site traag maken. Belangrijker dan het thema is of de inhoud klopt en de pagina's snel laden.
T
Toegankelijkheid (EAA)
Een toegankelijke website werkt ook voor mensen met een beperking; de European Accessibility Act (EAA) verplicht dit sinds 28 juni 2025 voor sommige bedrijven.
De wet geldt voor onder meer webshops en online diensten aan consumenten; micro-ondernemingen met minder dan tien werknemers zijn voor diensten uitgezonderd. Ook zonder verplichting is het slim: goed contrast, leesbare letters, alt-teksten bij foto's en een site die met het toetsenbord werkt helpen iedereen, ook oudere klanten. De technische norm heet WCAG 2.1, niveau AA.
U
Uptime
Uptime is het percentage van de tijd dat je website online en bereikbaar is; 99,9% betekent ruim acht uur storing per jaar.
Hostingpartijen beloven vaak een uptime-percentage; het verschil tussen 99% (ruim drie dagen per jaar offline) en 99,9% is groot. Een site die eruit ligt kost aanvragen, en Google merkt het ook. Vraag of je hosting de site bewaakt (monitoring) en of jij een melding krijgt als hij offline is.
W
Webshop
Een webshop is een website waarop klanten producten kiezen, in een winkelwagen leggen en direct online betalen.
Het verschil met een gewone bedrijfssite zit in de winkelwagen, de betaling, voorraad en verzending, en in de extra regels: prijzen inclusief btw voor consumenten, veertien dagen bedenktijd en een btw-nummer op de site. Bekende systemen zijn Shopify, WooCommerce (WordPress) en Lightspeed. Veel ondernemers hebben geen webshop nodig, maar een goede site met een bestel- of offerteformulier.
W
WordPress
WordPress is het meestgebruikte systeem (CMS) om websites mee te bouwen; het is gratis, open source en uit te breiden met thema's en plugins.
Je kunt er bijna alles mee, en er zijn veel bouwers die ermee werken, dus je zit nooit vast aan één partij. De keerzijde: het vraagt onderhoud (updates van systeem, thema en plugins), wordt met veel plugins traag en is een populair doelwit voor hackers. Voor een eenvoudige bedrijfssite is het vaak meer dan je nodig hebt; voor een blog met veel auteurs of een WooCommerce-shop kan het juist logisch zijn.
Z
Zoekwoord
Een zoekwoord is het woord of de zin die iemand in Google intypt, zoals 'kapper amersfoort' of 'wat kost een cv-ketel'; SEO begint met weten welke dat zijn.
Kies per pagina één hoofdzoekwoord en schrijf de pagina zo dat hij die vraag echt beantwoordt. Denk vanuit de klant, niet vanuit vaktaal: mensen zoeken 'lekkende kraan', niet 'sanitaire installaties'. Search Console laat na een paar maanden zien op welke woorden je al gevonden wordt; dat is de beste bron voor nieuwe pagina's.
Wil je weten hoe jouw site scoort op snelheid, SSL, vindbaarheid en eigendom? Vraag de gratis website-check aan, of lees verder in de kennisbank.